Overzicht

Ver Huellbank

De naamgever van deze bank Jhr. H.A.C. Ver Huell, die als raadslid het initiatief nam tot de herinrichting van de Scheveningse Bosjes, overleed een paar dagen voor de onthulling in 1881. Tot in de Tweede Wereldoorlog zijn tal van wandelaars neergestreken op de Ver Huellbank. Toen werd de Waterpartij onderdeel van een tankgracht en maakten drakentanden en ijzeren palen de directe omgeving ervan ontoegankelijk. De bank was inmiddels zorgvuldig afgebroken en opgeslagen. In 1956 keerde zij terug, op een andere plek maar nog steeds met uitzicht over de Waterpartij.

Lees verder

Villa Sandhaghe

In villa Sandhaghe, Hogeweg 18, zat vanaf april 1942 het hoofdkwartier van de ‘Führer der Schnellboote’. Van hieruit voerde de Duitse officier Rudolf Petersen het bevel over veertien flotieljes van elk acht torpedoboten en een begeleidingsschip, die uitvoeren vanuit onder andere Rotterdam, Oostende en Boulogne. Een tunnel verbond villa Sandhaghe met een ondergrondse commandobunker in het Belvedèreduin. In november 1944 werd het hoofdkwartier naar Duitsland verplaatst. Het complex werd toen in gebruik genomen door de Seekommandant Mittelholland.

Lees verder

Madurodam

Voor de Tweede Wereldoorlog was de Witte Brug een sierlijke boogbrug. Tegenover de brug stond een statige villa, dichtbij was een duin met mooi uitzicht.  Toen werd het Kanaal onderdeel van een tankgracht, de villa afgebroken en het duin afgegraven. Tot eind 1944 fungeerde de brug als toegang tot de ‘Vesting Scheveningen’, maar toen werd ook zij gesloopt. Na de oorlog werd hier Madurodam gebouwd, attractie én oorlogsmonument ter ere van de oorlogsheld George Maduro.

Lees verder

Scheveningseweg

Tot in de Tweede Wereldoorlog stond hier Hôtel de la Promenade. Tijdens de bezetting werden er Duitse soldaten ingekwartierd. Op de kruising van de Johan de Wittlaan en de Scheveningseweg kwam een doorlaatpost naar de ‘Vesting Scheveningen’. De Scheveningse Bosjes werden voor een deel gerooid om schootsveld te verkrijgen. Door de behoefte aan brandhout, vooral in het laatste oorlogsjaar, verdween ook een groot deel van de resterende bomen. Van Hôtel de Promenade was tegen het einde van de oorlog niet veel meer over dan een ruïne. Iets verderop verrees rond 1970 een nieuw hotel.

Lees verder

World Forum

In Tweede Wereldoorlog veranderde dit gebied DE in een kaalgeslagen vlakte. Architect W.M. Dudok maakte een stedenbouwkundig plan voor de wederopbouw waarin cultuur de hoofdrol speelde. Het centrum werd gevormd door een cluster van schouwburg, congresgebouw en concertgebouw. Zijn plan is maar voor een klein deel uitgevoerd. In de woorden van Dudok zelf liet Den Haag hiermee een kans liggen om ‘een der mooiste steden van het oude Europa te worden.’ Met de komst onder meer Joegoslavië-tribunaal, OPCW en Europol veranderde dit gebied in een internationale zone op het gebied van vrede en recht.

Lees verder

Catsheuvel

Dit is de uiterste punt van de vooroorlogse villawijk Zorgvliet, die met de opening van het Gemeentemuseum in 1935 helemaal af was. Hoogbouw was er  beperkt tot twee woonhotels. Op deze plek stond er daar één van: Catsheuvel. Het was een luxe appartementencomplex, opgezet als stedelijk alternatief voor het wonen in een villa. De bewoners deelden hun personeel en beschikten over allerlei gemeenschappelijke voorzieningen zoals een restaurant en een conversatiezaal. Het heeft de oorlog doorstaan, maar werd in de periode 2004-2006 vervangen door nieuwbouw in dezelfde stijl.

Lees verder

Adriaan Goekooplaan

Eind negentiende eeuw kwam de oude buitenplaats Sorghvliet in handen van bouwondernemer  Adriaan Goekoop, die zelf in het Catshuis ging wonen. Conform het voorstel van de architect H.P. Berlage veranderde onder zijn leiding het landgoed in een statige villawijk. In de Tweede Wereldoorlog werd een groot deel van de villa’s gesloopt om plaats te maken voor een tankmuur en open schootsveld in de richting van de stad.

Lees verder

Museon

Het Gemeentemuseum en het voormalige schoolgebouw aan de overkant van de Stadhouderslaan dateren van voor de Tweede Wereldoorlog. Aan de stadskant ervan liep de Haagse Beek door een groenstrook in het midden van een brede straat. Deze beek werd gebruikt als basis voor een zigzag verlopende tankgracht, die tot vlak achter het Gemeentemuseum eindigde. Waar destijds de tankgracht liep, staat nu het Museon.

Lees verder

Eisenhowerlaan

Deze plek zag tijdens de Tweede Wereldoorlog uit op een tankmuur met camouflageschilderingen van bomen en gevels. Aan deze kant van de muur was de bebouwing grotendeels gesloopt. De villa’s aan de andere kant ervan stonden leeg, net zoals het grootste deel van het Statenkwartier. De bewoners waren elders in de regio ondergebracht of, als ze geen economische binding hadden, elders in het land.

Lees verder

Catshuis

Dit ommuurde terrein rond het voormalige verblijf van dichter-staatsman Jacob Cats is het enige dat op deze plek aan de vooroorlogse situatie herinnert. De villa’s voor met name Rotterdamse bankiers, industriëlen en havenbaronnen en mensen die hun kapitaal in Indië hadden verdiend, zijn voor een groot deel verdwenen. Hoogbouw is er na de oorlog voor in de plaats gekomen, drukke verbindingswegen doorsnijden het eens aaneengesloten gebied.

Lees verder

Insulinde

In deze villa zat tijdens de Tweede Wereldoorlog achtereenvolgens de gelijkgeschakelde ‘Berichtendienst Nederlandschen Omroep’ en het Gewestelijk Evacuatiebureau Zuid-Holland, dat verantwoordelijk was voor de regionale opvang van mensen die vanwege de aanleg van de Atlantikwall hun huis moesten verlaten. Na bevrijding regelde het voormalige Evacuatiebureau vanuit dit pand onder meer de terugkeer van de evacués, nu onder de naam Provinciaal Bureau Verzorging Oorlogsslachtoffers.

Lees verder

Martelaren van Gorcumkerk

De oorspronkelijke Kerk van de Heilige Martelaren van Gorcum was een ontwerp van Nicolaas Molenaar Sr. en stond vanaf 1925 ongeveer op de plek waar zich nu het Museon bevindt. De kerk moest wijken voor de Atlantikwall, maar keerde na de oorlog op de huidige plek terug, nu naar een ontwerp van Nicolaas Molenaar Jr., de zoon van de oorspronkelijke architect. Inmiddels is de kerk aan de eredienst onttrokken.

Lees verder

Stadhoudersplantsoen

Voor de oorlog was de huidige President Kennedylaan onderdeel van het Stadhoudersplein, een weg  met rijstroken aan weerszijden van de Haagse Beek. De overzijde van die weg heet nu Cornelis de Wittlaan.  De huizen aan die kant bleven gespaard, maar aan deze kant werd de bebouwing gesloopt om plaats te maken voor een tankgracht en schootsveld in de richting van de stad.

Lees verder

Lübeckstraat

Voordat tijdens de Tweede Wereldoorlog de Atlantikwall werd aangelegd, stonden aan weerszijden van de Lübeckstraat statige huizenrijen. Op de tekentafel van architect W.M. Dudok, die na de Duitse capitulatie verantwoordelijk was voor een nieuw stedenbouwkundig plan voor dit gehavende deel van de stad, bleef de Lübeckstraat bestaan, maar veranderde het aanzicht volledig. De woongebouwen kwamen haaks op de straat te staan. Door deze keuze verdwenen twee andere straten definitief van de kaart.

Lees verder

Maranathakerk

De houten dakconstructie van de kerk is door de Zwitserse bouwkundige Emil Staudacher ontworpen als prototype voor noodkerken in de verwoeste Duitse steden. In 1949 arriveerde het dak als bouwpakket per trein uit Zürich. Hier werd het dak geïntegreerd in een ontwerp van de Nederlandse architect Frits Adolf Eschauzier.
Het noodkerkenplan was een initiatief van de Duitse bouwmeester Otto Bartning. In heel Duitsland staan nog ruim veertig van deze noodkerken.

Lees verder

Obrechtstraat

De wijk Duinoord dateert van het einde van de negentiende eeuw. De opzet was ruim en speels en week daarmee af van die van de oudere recht-toe-recht-aan-wijken. De Obrechtstraat is een van de lange, gebogen straten in Duinoord. Totdat de Duitse bezetter met de aanleg van de Atlantikwall begon, liep zij door tot aan de huidige President Kennedylaan. Toen werd een deel van de straat gesloopt en het aangrenzende deel tot verboden gebied verklaard.

Lees verder

Verversingskanaal

In 1943 was dit gebied een grote, kale vlakte. De tankgracht van de Atlantikwall werd hier onderbroken door het Verversingskanaal, dat in 1888 werd aangelegd voor het afvoeren van het vuile water uit de Haagse grachten. De Houtrustkerk uit 1936 bleef bij de bouw van de Atlantikwall wonderwel gespaard. Volgens overlevering wilden de Duitsers voorkomen dat bij de sloop van de  kerk de sluis zou worden beschadigd. Zij vreesden – ten onrechte – dat bij storm het zeewater de stad zou kunnen binnendringen.

Lees verder

Ieplaan

In de Tweede Wereldoorlog moesten de huizen die op deze plek stonden, plaatsmaken voor een tankgracht, die de 'Vesting Scheveningen' tegen aanvallen vanuit het binnenland moest beschermen. In de wederopbouwplannen van architect W.M. Dudok kreeg het gebied een compleet nieuwe invulling. De Segbroeklaan kreeg een nieuw tracé en werd, naar het voorbeeld van de Amerikaanse ‘parkways’, de nieuwe hoofdverkeersweg. De hoogbouw rond de nieuwe groenstrook was volgens  Dudok een logische oplossing voor het gebrek aan woonruimte voor de middenklasse.

Lees verder

Hanenburglaan

De Bomen- en Bloemenbuurt is gebouwd op een strandwal, afgegraven voor de  winning van zand voor de Haagse stadsuitbreidingen. Voor dit gebied ontwierp architect H.P. Berlage een nieuwe woonwijk, die vanaf 1911 werd gerealiseerd. De Hanenburglaan was breder dan nu. In het midden liep een ‘vaart’ met glooiende taluds en grondgebonden huizen aan weerszijden.
Op deze plek zijn de gevolgen van de bouw van de Atlantikwall goed te zien: het ene deel van de Bomen- en Bloemenbuurt heeft nog zijn vooroorlogse structuur, het andere is het resultaat van  het naoorlogse wederopbouwplan van W.M. Dudok.

Lees verder

Goudenregenstraat

De huizen die vanaf de jaren 1920 op de plek van dit plantsoen stonden, werden op last van de Duitse bezetter gesloopt om ruimte te maken voor de Atlantikwall. De Haagse Beek, die langs de Sportlaan liep, werd omgegraven tot een zigzag lopende, tien meter diepe en enige tientallen meters brede tankgracht. De huizen in de directe omgeving werden ontruimd. De bewoners werden elders ondergebracht. Ook het Rode Kruisziekenhuis uit 1925 ging tegen de vlakte. In het wederopbouwplan van W.M. Dudok keerde het terug, iets verschoven ten opzichte van de oorspronkelijke locatie.

Lees verder

Goudsbloemlaan

De woonblokken die hier ooit stonden, werden gesloopt om ruimte te maken voor de Atlantikwall. Met de plantsoenstroken met waterpartijen en hoge flatgebouwbouwen langs de Segbroeklaan in zijn naoorlogse herbouwplan beoogde architect W.M. Dudok ‘in deze saaie stad nieuw architecturaal leven te wekken’. Het hoge woningbouwcomplex bij de Goudsbloemlaan geldt als markante vertegenwoordiger van de Wederopbouwstijl. Het gebouw van het Segbroekcollege, ontworpen door J.J.P. Oud, is een Rijksmonument.

Lees verder